eurovlag-212
     

Financiële verantwoordingFinanciële verantwoording

U bent hier:
ChristenUnie Europees Parlement
Fractie
Financiële verantwoording

Financiële verantwoording Algemene Onkostenvergoeding 2012

Iedere Europarlementariër heeft recht op een zogenoemde Algemene Onkostenvergoeding. Per maand is per Europarlementariër 4299 Euro beschikbaar. Een Europarlementariër wordt volgens het Reglement van het Europees Parlement geacht dat geld te besteden aan kosten voor kantoorartikelen; huur kantoorruimte in de eigen lidstaat; ICT; telefoon; boeken/kranten/tijdschriften en representatie. Het Europees Parlement oefent - helaas - geen controle uit op de besteding van deze gelden.

Een Europarlementariër is dus niet verplicht over de besteding van die Algemene Onkostenvergoeding verantwoording af te leggen. Mij is dat een doorn in het oog. Voor de EP-budgetbehandeling 2012 heb ik opnieuw getracht dit met een amendement te veranderen. Dat lukte helaas niet.

Ik heb daarom zelf voor die jaarlijkse controle van mijn Algemene Onkostenvergoeding een onafhankelijk registeraccountant ingehuurd. Ook over het boekjaar 2012 heeft hij die controle verricht en daarover een controleverklaring opgesteld. Deze accountantsverklaring is door mij vervolgens toegestuurd aan het Landelijk Bestuur van de ChristenUnie. In de vergadering van dat bestuur op woensdag 22 mei 2013 heeft het bestuur die verklaring besproken en er met instemming kennis van genomen.

Over het jaar 2012 heb ik 2252 Euro meer uitgegeven dan ik aan Algemene Onkostenvergoeding van het Europees Parlement heb ontvangen. Met name de ICT-kosten lagen hoger omdat een aantal laptops en computers is vervangen, en er diverse iPads zijn aangeschaft. Ook de telefoonkosten waren gestegen vanwege meer buitenlandse / buiten Europese reizen in 2012. Door een in 2011 opgebouwde buffer werd het eindsaldo over 2012 in totaal toch 2477 Euro positief. Dat bedrag voeg ik als buffer toe aan de balans over 2013.

Peter van Dalen, juni 2013

Peter van Dalen stort niet gebruikt geld terug aan Europees Parlement

Iedere Europarlementariër heeft recht op een zogenoemde Algemene Onkostenvergoeding. Per maand is per Europarlementariër 4200 Euro beschikbaar. Een Europarlementariër wordt volgens het Reglement van het Europees Parlement geacht dat geld uit te geven aan kosten voor kantoorartikelen; huur kantoorruimte in de eigen lidstaat; ICT; telefoon; boeken/kranten/tijdschriften; representatie. Het Europees Parlement oefent - helaas - geen controle uit op de besteding van deze gelden.

Ik heb daarom zelf een registeraccountant ingehuurd. De accountant heeft de besteding van mijn Algemene Onkostenvergoeding over het jaar 2010 gecontroleerd en daarover een controleverklaring opgesteld. Deze accountantsverklaring is vervolgens door mij toegestuurd aan het Landelijk Bestuur van de ChristenUnie. In de vergadering van dat bestuur op donderdag 13 oktober jl. heeft het bestuur met instemming kennisgenomen van deze stukken. Over het jaar 2010 is door de accountant vastgesteld dat ik een bedrag van 8486 Euro niet heb gebruikt. Hoewel daartoe geen verplichting bestaat heb ik dat geld op 1 december 2011 teruggestort aan de Administratie van het Europees Parlement.

EP-leden zijn niet verplicht de besteding van deze Algemene Onkostenvergoeding te verantwoorden. Ik doe dat wel: het gaat om publiek geld en ik vind dat je dat moet verantwoorden. Ik heb al diverse malen met het indienen van amendementen getracht, alle EP-leden te verplichten verantwoording over de besteding van die Algemene Onkostenvergoeding te laten afleggen. Maar die amendementen hebben het niet gehaald helaas.

Peter van Dalen

December 2011