Belder (IND/DEM). – Voorzitter, er zijn genoeg redenen om pessimistisch te zijn over een eerlijk en fair verloop van de presidentsverkiezingen in de Oekraïne. Naar het zich thans laat aanzien, zal de stembusstrijd bovendien twee rondes bestrijken. Van groot belang is derhalve een nauwlettende Europese waarneming tijdens de zogenaamde tussenperiode van 31 oktober tot 21 november 2004 bij deze Oekraïense verkiezingsslag. Daartoe roep ik de Europese instellingen dan ook uitdrukkelijk op. Voorts dient de Europese Unie niet de vraag voorop te stellen wie als winnaar uit het strijdperk treedt, maar hoe dat gebeurt? Mocht dat op onrechtmatige wijze zijn geschied, dan verwacht ik van Raad en Commissie een duidelijk signaal richting Kiev. Het internationaal isoleren van de Oekraïne kan dan wel bezwaarlijk in het belang van de lidstaten van de Unie zijn, maar van business as usual mag in dat geval absoluut geen sprake zijn.
Tot slot nog een prangende vraag: hoe kijkt de Raad aan tegen de evidente inmenging van de Russische president in deze Oekraïense presidentsverkiezingen? Met deze interventie zijn immers zonder meer de externe belangen van de lidstaten van de Unie gemoeid, om nog maar te zwijgen over de nationale onafhankelijkheid van de Oekraïne en de politieke vrijheid van haar burgers.