Maar, is de uitbreiding van het aantal talen wel zinvol? De voormalige Spaanse regering heeft niet altijd even slim gehandeld. Daar is zij bij de laatstgehouden verkiezingen in Spanje ook voor beloond. Het lijkt er echter op dat de huidige regering ook niet altijd de vizier even scherp heeft staan.
Immers, per 1 mei is het talenbereik van de Unie uitgebreid met de talen van 10 nieuwe landen. In de Brusselse en Straatsburgse vergaderzalen is koortsachtig gewerkt aan de bouw van nieuwe vertaal- en tolkenfaciliteiten. Het was proppen, maar recentelijk zijn de werkzaamheden afgerond. Alleen al vanuit dit oogpunt is het onverstandig om nog meer talen toe te laten. Hoge kostenposten zullen namelijk het gevolg zijn.
Daarnaast is het zeer de vraag of de regionale talen als zodanig door de Europese Unie erkend moeten worden. Het zijn immers niet de regio’s die lid zijn van de Gemeenschap, maar de lidstaten. En elk van de lidstaten heeft het recht om in zijn eigen taal in de Unie te participeren. Dat is zo en dat moet ook niet veranderen.
Het is dus maar de vraag of de Spaanse regering zichzelf hiermee een dienst bewijst. Zo’n voorstel zal zeker een positief electoraal resultaat hebben. Maar datzelfde electoraat zal zich waarschijnlijk niet afvragen wat de financiële gevolgen van een dergelijke operatie zijn. En dat is niet verstandig in een land dat zijn EU-geld beter kan gebruiken.