Belder spreekt tijdens het EP-debat van een dubbele uitbuiting. Intern door ‘s lands militaire machthebbers. Zakendoen in Birma verloopt nagenoeg uitsluitend via het leger. Voor een extreme externe uitbuiting van de grondstofrijke en agrarisch zeer vruchtbare Zuidoost-Aziatische staat, tekent de Volksrepubliek China. Uit diplomatieke mond in Rangoon klonk dezer dagen zelfs de uitspraak: “Birma is quasi tot een Chinese provincie verworden.” In noordelijke, door China gebouwde scholen, is het Mandarijn de eerste taal en is Pekings tijd de officiële lokale tijd!
Al met al zijn de Birmese en Chinese machthebbers schier onafscheidelijk. Belder roept Raad en Commissie op naast de eersten evenzeer Peking krachtig aan te spreken op zijn medeverantwoordelijkheid voor het lijden van Birmanen.